fbpx

Gewoon even een kort verhaaltje om de absurde denkwijze van Cuba te illustreren. Cuba begint waar logica ophoudt (onze logica dan).

Rum op een alcoholvrij terras

Samen met een vriend maak ik een rondritje en we komen langs een leuk terras. Het is inmiddels tijd voor een rummetje dus we stoppen en gaan zitten. Binnen staan vier serveersters met de twee barmannen te smoezen en er komt niemand naar buiten om ons te helpen. Ik loop naar binnen en bestel twee rum. Ze hebben geen rum, dus vraag ik om twee glazen, elk met een blokje ijs.

Die krijg ik en ik loop naar buiten, we halen een fles rum uit de auto en schenken onszelf een heerlijk glas in. Binnen twee minuten staan alle serveersters aan onze tafel en leggen ze ons uit dat het een alcoholvrij terras is en dat we onze rum dus niet op hun terras op kunnen drinken… Dat mag wel op het terras boven. Het probleem is nu dat onze rum in hun glazen zit en dat die glazen, zelfs met mijn persoonlijke garantie dat ik ze terug breng niet naar boven mogen. Mijn vriend verstopt de rumfles onder zijn T-shirt en draait een servetje om zijn glas. Verbaast over zoveel inventiviteit is het gemeenschappelijke besluit dat wij onze glazen thee nu wel op mogen drinken op hun terras!

Rum op een gesloten terras

We besluiten nog een drankje te doen op het terras boven. Dat is echter gesloten en binnen zijn ze de bar aan het opruimen… Ik vraag om twee glazen met twee blokjes ijs. Er is geen ijs, maar wel twee bekertjes. Die neem ik mee naar buiten en we schenken op het gesloten terras twee rummetjes in. Dan komt een van de serveersters van beneden naar boven om haar diens af te tekenen. We vragen haar om beneden een glas voor zichzelf te halen met wat ijs, zodat ze met ons een rummetje kan drinken… Ze staat erop onze bekertjes mee te nemen en komt terug met onze bekertjes met hopen ijs en een glas voor haarzelf. Dat glas schijnt onder persoonlijke begeleiding van een personeelslid wel naar boven te mogen.

Tevreden drinken we gedrieën een rummetje met ijs op het gesloten terras boven het alcoholvrije terras.

Probeer dit eens in Amsterdam…

Nog een absurd Cuba verhaal?

Dingen die jij niet mee gaat maken:

In Nicaro stond vroeger een grote nikkelfabriek. Daar werkten zo’n 4000 mensen. De fabriek is inmiddels gesloten maar op een punt in zee ligt nog steeds het ‘casa de visita’ waar vroeger de hoge heren die van ver kwamen konden overnachten.

Leuk boetique hotelletje

We zitten met een groep vrienden te eten in de Casa de Visita en de plek bevalt me goed. Ik vraag of ik de kamers mag zien en krijg een rondleiding. Dit hotelletje met 9 kamers heeft al twee jaar geen gast meer gezien, maar de staf is nog voltallig en de kamers zien er prima uit. Het uitzicht is domweg verbluffend! Ik vraag dus of ik, als ik de volgende keer langskom de suite kan huren (die kost 110 pesos per nacht… da’s nog geen 5 CUC!)
Ik laat mijn carnet zien, dat aangeeft dat ik resident ben. Ik heb een Cubaans carnet dat mij alle rechten en plichten van een Cubaan geeft. Geen probleem wordt mij verzekerd. Drie weken later ben ik weer in de buurt en ik vraag mijn vriendin om voor de zekerheid te verifiëren of wij inderdaad in de suite kunnen slapen. ‘Ja hoor, geen punt.’

Waar kunnen we eten en slapen?

Een week later kom ik dus daadwerkelijk aan en stuur de taxi naar huis. Het restaurant is pikdonker want er is ergens kortsluiting en de dienstdoende dame vertelt me dat ik er zeker niet kan overnachten. Ik laat mijn carnet zien maar dat verandert niets… ik moet weer weg.  Maar een taxi kan ze niet voor me regelen. Ik heb dus honger, een date met mijn vriendin en geen bed om in te slapen. Ze biedt aan om naar Miramar te bellen, een hotel in de buurt dat dezelfde diensten aanbied. (leuke toevoeging… ik hoop eigenlijk op meer diensten!). Ze komt terug en vertelt me dat het eten verzekerd is en op mijn vraag over de kamer antwoordt ze dat ik dat met de dienstdoende dame moet overleggen.
Ik bel een vriend in de buurt die een auto heeft met het verzoek me te komen halen… dat kan ff duren zegt zijn vader want vriend is niet thuis… Dan kun je op Cuba dus rekenen op minimaal een uur wachttijd. Ik vraag dus of er wat te drinken is… Nee alles is dicht. Of ik een glas mag (altijd een flesje rum bij me). Ook dat is niet mogelijk.

End of story? Nope…

De shift van mijn ‘gastvrouw’ zit erop en ze wordt vervangen door een ander exemplaar van de lichtelijk overgewicht bijna middelbare dames, doodmoe van 20 jaar niet werken die de Cubaanse hotels bestieren. Die is een beetje verbaasd door mijn verhaal. Ik laat mijn carnet zien en volgens haar is het geen probleem in het ‘Casa de Visita’ te verblijven. ‘Mooi’ denk ik. Dan gaan we dus eten in Miramar en komen hier slapen. Ik bel de betrokkenen om deze verandering in plan door te geven. Terwijl ik ophang komt mijn nieuwe gastvrouw met een treurig gezicht terug. Ze heeft haar chef gebeld en die zegt dat het dus niet mag. Casa de Visita blijft wederom een nacht leeg.

De taxi rijdt voor en we besluiten voordat we mijn vriendinnetje gaan halen even in Miramar te informeren of ik daar inderdaad kan slapen. Daar aangekomen is de eerste reactie: ‘natuurlijk niet, u bent een buitenlander.’ Ik haal mijn carnet boven maar dat helpt niet. Ik begin redelijk gefrustreerd te raken (inmiddels een ‘ja’, ‘ja’, ‘nee’, ‘ja’, ‘nee’ en een ‘nee’ gekregen van twee lege hotels) een tirade af te steken over de Cubaanse Xenofobie en bureaucratie. Het woord ‘discriminatie’ valt en al die tijd staat een hele donkere man mee te luisteren. Schijnbaar is hij ervaringsdeskundige met discriminatie. Hij geeft een knikje naar de receptioniste (een geblondeerde, vermoeide dame van in de 40 met licht overgewicht) en plots is alles geregeld.

Uitzicht op zee?

Wij zijn welkom de nacht door te brengen in Miramar (wat ‘zicht op zee’ betekend.) Miramar ligt inderdaad een meter of twintig boven de baai en de volle maan maakt het uitzicht sprookjesachtig. Van buiten het hotel dan. Van binnenuit is de zee totaal niet te zien. De architect is de ramen aan die kant vergeten en het hotel kijkt uit op de Cubaanse variant van oostblokflats.

Het eten is best redelijk. De zaal verder leeg en sfeerloos. Qua voorzieningen: Er is geen zeep noch warm water. Om ons toch nog wat te kunnen wassen laten we (op ons verzoek, geen enkel initiatief van een van de 40+ vermoeide dames) een pan water warm maken in de keuken.

Het hotel is ontdaan van elke sfeer en terwijl we nog aan het eten zijn zit het voltallige personeel (3 dames van boven de 40, alle drie met licht overgewicht en taps toelopende benen gehuld in te strakke netkousen, en de kok) in de lobby TV te kijken. Een biertje bestellen creëert ruzie over wie dat dan moet gaan brengen!

De kamer is verlicht met romantische TL-buizen, het bed behoorlijk slecht en er kan geen raam open. De badkamer heeft niet alleen geen warm water er is helemaal geen water, op een gevulde emmer na. De vloer is bekleed met wandtegels en spiegelglad, er zit een gat in de lakens en we moeten drie keer vragen naar een extra handdoek. Toiletpapier… hahaha… grapjas…

En toen…

Het verrassende einde van dit verhaal vind je in ons boekje De Cubaanse Dimensie’ :-)… dat is nog eens een reden het te kopen!!!

Wil je nu weten hoe je met de absurde realiteit van Cuba om kunt gaan… Lees dan ons boek! Echt, het gaat je reis naar Cuba volledig veranderen (en nog ten goede ook). Op de bestelpagina geven we je nog een best wel handige tip (vinden we zelf) waarmee je een paar uur op het vliegveld bespaart.

Water

‘Wilt u met of zonder bubbeltjes?’… ‘Doe maar zonder’… Dat hebben we niet.

Aanbevolen artikelen:

Water is overigens best belangrijk!

En liefst uit de koelkast die je zo koopt